Webinar Startenopzetten · uitzenden · opvolgen

StartHet draaiboek

De eerste vijf minuten

In het begin van je webinar besluiten mensen of ze blijven. Wat je zegt, wat je overslaat en waarom je jezelf niet uitgebreid moet voorstellen.

15 juli 2026 · 4 minuten lezen · Het draaiboek

Een klein glazen zandlopertje op een donker bureau, met het meeste zand nog in de bovenste bol, van achteren beschenen door een warme lamp
De eerste vijf minuten kosten een twaalfde van je uur en bepalen wie er over een halfuur nog zit.

De eerste vijf minuten van een webinar zijn de vijf minuten waarin het publiek kleiner wordt. Mensen loggen in, luisteren even en besluiten of ze dit uur aan jou geven. Wat ze in die tijd horen, is bij de meeste uitzendingen precies het verkeerde: een uitgebreide voorstelronde, een verhaal over de agenda en een verzoek om de techniek te testen.

Wat er meestal misgaat

Drie klassiekers.

Wachten op de rest. "We wachten nog even tot iedereen binnen is." Dat is aardig bedoeld en het straft de mensen die op tijd zijn. Bovendien komt er altijd nog iemand binnen, dus je wacht tot je vijf minuten uit schema loopt. Begin op tijd.

Jezelf uitgebreid voorstellen. Je opleiding, je bedrijf, de projecten die je deed. Niemand kwam daarvoor. Twee zinnen is genoeg: wat je doet en waarom jij het over dit onderwerp hebt. De rest van je geloofwaardigheid verdien je in de volgende vijftig minuten met wat je zegt.

Techniek testen met het publiek. "Typ even in de chat of je me kunt horen." Als de eerste drie mensen antwoorden, weet je genoeg. Maak er geen ronde van waarin iedereen zijn woonplaats deelt, want dan is er nog niets gebeurd na acht minuten.

Wat er wel moet gebeuren

Vijf dingen, in deze volgorde, in ongeveer vijf minuten.

Begin met het probleem, niet met jezelf. De eerste zin die je uitspreekt gaat over hun situatie. "Je hebt een webinar aangekondigd, er melden zich zestig mensen aan en er komen er twintig." Wie zich daarin herkent, blijft zitten.

Zeg wie je bent, in twee zinnen. Naam, wat je doet en waarom jij hierover praat. Klaar.

Noem de eindtijd. "We zijn om 21:00 klaar." Dat is de zin die de meeste onrust wegneemt. Mensen willen weten of ze straks nog iets anders kunnen doen.

Zeg wat er komt en wat niet. Drie onderdelen, in gewone woorden. Plus één ding dat je vanavond niet behandelt. Dat laatste voorkomt dat een deel van je publiek het hele uur wacht op iets dat niet komt en dat vervolgens teleurgesteld afhaakt.

Vertel wanneer de vragen komen. Aan het eind, of tussendoor in de chat. Als mensen dat weten, houden ze hun vraag vast in plaats van dat ze afhaken omdat je er niet op ingaat.

En als er aan het eind een aanbod volgt, zeg dat hier ook. Eén zin. Wie het van tevoren weet, ergert zich er straks niet aan.

De wachtkamer telt mee

De vijf minuten voor je starttijd zijn geen niemandsland. Er zitten dan al mensen te kijken. Wat je daar neerzet, bepaalt of ze blijven hangen.

Zet een stilstaand beeld klaar met de titel van je webinar, je naam en de starttijd. Geen muziek, tenzij je zeker weet dat het geluidsniveau klopt, want een te harde intro is een reden om weg te klikken. Zeg om de minuut één zin: "Goedenavond, we beginnen om acht uur, je hoeft nog niets te doen."

Dat is meteen je geluidstest. Als er iets mis is met je microfoon, hoor je dat van de eerste binnenkomers in plaats van dat je er tien minuten later achter komt.

Hoe je begint als er weinig mensen zijn

Het gebeurt: je verwacht vijftig kijkers en er zitten er twaalf. De verleiding is groot om dat te benoemen of om je verontschuldigingen aan te bieden. Doe dat niet. Die twaalf mensen weten niet hoeveel je er verwachtte en het interesseert ze niet.

Een kleine zaal heeft bovendien een voordeel: je kunt mensen bij naam aanspreken en echt op hun vragen ingaan. Dat maakt van een matige opkomst een goed gesprek. Wat je aan het aantal zelf kunt doen, staat in van aanmelding naar aanwezig.

Repeteer alleen dit stuk

Je hoeft je hele webinar niet uit je hoofd te leren. De eerste vijf minuten wel, of in elk geval de eerste drie zinnen. Dat is het stuk waarin je het meest gespannen bent, waarin je het snelst gaat ratelen en waarin je het makkelijkst uitloopt.

Neem het een keer op en luister het terug. Je hoort dan meteen twee dingen: dat je te snel praat en dat je twee keer hetzelfde zegt. Beide zijn met één oefenronde op te lossen.

Het effect op de rest van je uur

Een strak begin geeft je de rest van het uur rust. Je publiek weet wat het krijgt, jij weet dat je op tijd bent en de chat is niet vol met vragen over het programma. In je draaiboek is dit het enige blok waar je niet in schrapt: als je moet inkorten, doe je dat in de kern, niet in de opening.

Elders op de site